Loeiende stier weer stil

Loeiend ging de stier de maad juni in en nu is hij weer stil. De boektournee van de stier zit erop.Hij staat weer vredig in de wei te grazen, wachtend op wat komen gaat.

Terwijl hij het gras afscheurt, flisten de beelden van de tour voobij. Nooit eerer maakte hij mee dat een hele maand in zijn teken stond. Of ja, als sterrebeeld natuurlijk wel, maar dat is toch anders.

Foto: Mascha Gesthuizen

De afgelopen maand volgde hij twee rode lappen die hem brachten waar hij zijn moest. In maarliefst twee radio-interviews mocht hij alles loeien wat hij maar zeggen wilde. Bij radio Zaanstreek vroeg radiopresentator Bert va Galen hem de vlekken van het lijf. De tijd moest hij delen met voorganger Halverwege het einde en dat deed hij graag. Bij Radio Aalsmeer mocht hij muziek kiezen en werden de thmea’s uit het boek besproken. Alcoholisme en huiselijk geweld kregen er een plek in de strijd om zichtbaarheid en doorbreken van taboe.

Diverse winkels werden. door de stier bestormd. Overal waar hij kwam, ligt de stier op de tafels of voor de schappen. Toevallige bezoekers kochten een exemplaar en lieten dit meteen signeren, een onverwachtte verrassing voor lezer, boekhandelaar en schrijver.

Er stonden verschillende meet&greets gepland. Waardevolle bijeenkomsten waarin lezer en schrijver in gesprek gingen over de boeken, de gebakjes, het schrijfproces en ook de vakantieplannen, de beste koffie en de snelste fiets. De levens achter het boek zijn aan beide kanten ijk gevuld.

Het is niet gelukt alle plannen in juni gerealiseerd te krijgen. 18 jui is er nog Oscar en de stier, een bijeenkomst van Mascha Gesthuizen en schrijfster Yvonne Franssen, waarbij ook de uitgever aanwezig zal zijn. Er zal een spel gespeeld worden waardoor we nog meer van de auteurs te weten zullen komen. Verder gaat de stier 25 augustus op bezoek bij Boeken met Michel, voor omroep Noos.

We gaan ook nieuwe plannen maken. Heb jij een leuk idee of wil je samen iets organiseren rondom boeken, het schrijverschap of andere lezerszaken, reageer dan en wie weet gaan we samen iets tofs organiseren.

Laat me niet alleen

Mijn vader misbruikte me en mijn moeder sloeg me.’ Aan het woord is Mandy. Haar grijze krullen wapperen in de wind die enige verkoeling brengt op deze hete dag. Nog altijd vraagt Mandy zich af wie haar tot steun had kunnen zijn in haar leven met geweld en misbruik.

Ze is de oudste van vier. Na haar broer kwamen nog twee veel jongere zusjes. Op haar twintigste ging ze uit huis, maar de arm van moeder reikte tot in haar eerste huwelijk.

Op haar 24e wilde ze scheiden. Haar toenmalige man vroeg advies bij zijn schoonouders die hem simpelweg adviseerde haar een lesje te leren zodat ze zou weten wie de baas was. En dat deed hij. Na een ontsnappingspoging haalde hij haar buiten in, greep haar bij de haren en timmerde haar in elkaar. Achter de ramen keek de buurt toe, ontzet, maar bewegingsloos. Alleen een buurmeisje rende naar buiten om het autoportier open te gooien zodat Mandy zou kunnen vluchten.

De eerste herinneringen aan geweld stammen uit de kleutertijd, al weet Mandy dat ze daarvoor ook al wel eens onder de koude douche werd gezet. Het besef dat er iets goed mis was, kwam toen ze met vriendinnetjes mee naar huis ging en zag hoe het er daar aan toe ging.

Haar diepste littekens zijn gevormd door de haar opgelegde verantwoordelijkheid voor alle pijn, verdriet, onmacht, gebrek aan steun en een veilige haven. Thuis kreeg ze te horen dat ze haar klappen verdiende en zelfs het misbruik was haar eigen schuld. Ze had erom gevraagd, zo werd haar voorgehouden.

Waarom hielp niemand? Familieleden wisten van de mishandelingen. Ze mocht wel steeds vaker logeren bij vrienden van haar ouders, tantes of bij haar oma maar er gebeurde niets om het geweld tegen Mandy en haar broer te stoppen. Ze werden geslagen tot ze murw waren.

‘Mijn sterke rechtvaardigheidsgevoel bracht me voortdurend in de problemen. Ik nam het voor iedereen op, behalve voor mezelf natuurlijk, maar het pakte steeds verkeerd uit.’ Nu praat Mandy over haar familie met begrip voor hun ervaringen en loyaliteit aan de verkeerde partij, maar begrijpen doet ze hen niet. ‘Iedereen heeft zijn eigen herinneringen, dezelfde gebeurtenis wordt soms anders beleeft. We zijn allemaal beschadigd.’ Misschien is dat een normale overlevingsstrategie in een abnormale situatie? Ze heeft geen contact met haar broer en zussen. Ze zijn nooit een team geweest en zullen dat ook niet meer worden.

Er was een voorval dat ik me niet kan herinneren. Mijn broer was boos op me. Hij wierp me op de grond met mijn hoofd boven het trappengat en hield een scherpe schaar, met zo’n punt, op mijn keel gedrukt. We vochten vaak en heftig.’

Wist moeder van de incest? ‘Mijn ouders hadden problemen in de slaapkamer, daar werd geen geheim van gemaakt. Mijn moeder heeft hem gezegd ‘het’ maar ergens anders te zoeken. Ze heeft nooit toegegeven dat ze wist wat haar vader met haar deed, maar ze moet het geweten hebben. Dat was ook de conclusie van de rechter.’

Mandy deed aangifte tegen haar vader toen ze van haar jongere zus hoorde dat hij zich ook aan haar had vergrepen.  ‘Ik was toen 25 jaar, tien jaar nadat het bij mij gestopt was. Op mijn 15e hield het misbruik op omdat ik zei ‘Ik wil dit niet meer.’

Vader werd uiteindelijk veroordeeld. ‘In de rechtszaak zei hij: ‘Dat ik hem verleidde en er om vroeg.’ Het was, met andere woorden, mijn eigen schuld. Maar het gebeurde in ruime kring, er waren ook veel anderen bij betrokken. En ook vriendinnetjes die mee mochten op vakantie, waren niet veilig. Het had niks met mij te maken, het was zijn keus.’

Waar zijn de mensen als je ze nodig hebt? En bij wie kun je terecht. Een leerkracht van de basisschool informeerde wel maar liet zich snel sussen. Een leerkracht in het derde jaar van middelbare school had het echt in de gaten. Hij kwam tot tweemaal toe poolshoogte nemen thuis en werd door haar ouders op niet mis te verstane wijze duidelijk gemaakt dat zijn bemoeienis niet op prijs werd gesteld. Dit machtsvertoon resulteerde in voortbestaan van de onveilige situatie, al vroeg hij Mandy nog regelmatig hoe het ging.

Stopt het ooit? ‘Problemen zetten zich voort in de volgende generatie. Mijn eerste echtgenoot had vreemde seksuele wensen en op het laatst sloeg hij mij ook. Na de scheiding bleek al snel dat hij ook zijn handen op mijn dochters legden.’

‘Ik heb als een tijger mijn kinderen beschermd.’ Mandy heeft twee kinderen van haar eerste echtgenoot, en een zoon van haar tweede echtgenoot. ‘Ik heb ze wel een beetje verstikt met mijn zorg en zorgen, opdat ze maar niet geslagen of misbruikt zouden worden. Alles wat ik ontbeerde tijdens mijn jeugd, kregen zij dubbel. We moesten en zouden een team zijn, dat vond ik heel belangrijk. Uiteindelijk begreep ik dat ik aan het overcompenseren was.’

Mandy noemt zichzelf een beschadigde vrouw. De tekorten werken volgens haar door in de volgende generatie. Ze leerde dat slaan niet de methode was om je kinderen iets bij te brengen. Hoe dat wel moest, heeft ze zelf nooit ondervonden. Het gebrek aan positieve ervaringen draag je met je mee. Als je wel weet dat je iets niet wil, weet je nog niet hoe je het wel wil. Ze heeft hierin een rolpatroon moeten ontberen. Praten over emoties blijft in haar eigen gezin een moeilijk iets. Toch zijn haar kinderen opgegroeid tot mooie volwassen mensen, waar Mandy vreselijk trots op is. ‘In mijn jeugd waren we aangesloten bij een geloofsgemeenschap. Er waren kampen en bijeenkomsten voor kinderen. Daar zag en ervoer ik goedheid, liefde, samenzijn. Ik las erover in Het pentagram, het maandblad van de gemeenschap. Ik moest ze thuis verstoppen maar dat had ik er voor over want lezend vond ik troost én een handleiding hoe ik ‘goed’ moest zijn.’

Laat me niet alleen. ‘Graag zou ik de lezers willen vragen om wanneer je vermoedens hebt van huiselijk geweld, te allen tijde contact te zoeken met het kind. Al zegt het niets, laat het merken dat het niet alleen is. Geef subtiel aan dat er hulpverlening is, dat het er mogelijkheden zijn… Het hulpverleningstraject is er, maar wanneer zoek je hulp? Als volwassene al niet snel, maar las kind al helemaal niet. Loyaliteit is bij zulke kinderen enorm groot. Te groot en vaak zeer onterecht, maar dat zie je later pas. Help ze daarbij… Oordeel niet, veroordeel niet maar geef ze een veilige haven en wijs ze de weg.’

Dit interview kwam tot stand naar aanleiding van De stier, een roman van Mascha Gesthuizen dat onder andere handelt over huiselijk geweld en misbruik.

Winnaar poll boektour

In de aanloop naar het verschijnen van De stier, had ik een poll over de weg die dit beest zou moeten bewandelen. Meedoen = kans op winnen, een fout antwoord was niet mogelijk. De inzenders waren unaniem: een boektour is een leuk idee. En dat vond ik zelf ook, dus vult de maand juni zich met activiteiten rondom De stier.

Vandaag was het bijvoorbeeld de dag van de schoonmaker. Een waardevolle dag voor een eerbaar beroep. Toch kon ik het niet laten de stad door te trekken op zoek naar posters die mij blij maken. Ik hoop dat de reinigingsdienst van de stad ze even laat hangen want je weet nooit of zo’n wildplakker terugkomt.

Degene die als eerste een gesigneerd exemplaar bestelde, ontving dit 10 juni tijdens een meet & greet in Tolkamer. Gelukkig liet Corona terrasbezoek toe en konden we gezellig koffie drinken en praten over van alles en nog wat.

Met de bekendmaking van de winnaar van onze poll was helaas iets mis gegaan. Het bericht is niet gepubliceerd, dan doen we dus bij deze. Omdat alle deelnemers gelijkwaardige antwoorden gaven, heb ik me door iets anders laten leiden. Ik hoop dat de rest me kan vergeven dan ik Ans Stier uitroep tot winnaar. Een deelnemer met zo’n naam kan ik niet laten gaan. Ans, van harte gefeliciteerd! Als je via het contactformulier de adresgegevens stuurt, komt een gesigneerd exemplaar van De stier naar je toe. Over de uitkomst kan niet worden gecorrespondeerd.

Komende donderdag staat het interview bij Radio Aalsmeer op de agenda. Het begint om 19.00 uur. Ik hoop dat je luistert via internet.

De stier is verschenen

Hij bleef maar briesen en schrapen, de stier. Het was gewoon te gevaarlijk om hem los te laten en zonder toezicht de wereld rond te gaan. Het risico op slachtoffers was te groot.

Uiteindelijk durfden we het aan. Op 20 mei 2021 hebben we hem zijn vrijheid gegeven. Een bemoedigend klopje gegeven en ons vertrouwen in zijn kwaliteit uitgesproken. De staldeuren en hekken wagenwijd open, niets dat hem nog langer belette. Hij vertrok, kalm en waardig. Al snel was hij uit ons gezichtsveld verdwenen.

De stier boek, poster, boekenlegger | foto Mascha Gesthuizen

Gelukkig hebben we het boek nog… Te verkrijgen bij elke (online) boekhandel.

Moederdag, de dag dat moeder alles mag

Moederdag! Een feestdag! Of toch niet?

Mijn alles

9 Mei 2021 ben ik 20 jaar moeder. Ik ben zo eerlijk om te zeggen dat ik de allerleukste kinderen heb. Deze zin laat ik bewust incompleet, want, zo ben ik, ik sta graag wat van mijn ruimte af aan anderen. De leukste dus. Mijn kinderen zijn mijn alles. Van hen krijg ik mijn dagelijkse portie lachen, een warme arm om mij heen, ergernis dat er weer geen sokken gevonden worden terwijl ik, dat weet ik zeker, twee dagen geleden alle sokken gewassen heb, broodkruimels op het aanrecht, een mooi gesprek in het donker in de auto als ik een van de twee moet ophalen, vergeten cadeautjes een half jaar later als nog en naast de nodige uitdagingen vooral heel veel plezier. Trots ben ik ook. En dankbaar dat zij onbewust bereid zijn mij recht van bestaan te geven.

Foto: Mascha Gesthuizen

Bestaansrecht

Bestaansrecht is niet vanzelfsprekend. Er is heel wat voor nodig om dat te kunnen ervaren en daarmee op te groeien tot een stabiel en gelukkig mens. Als dit niet goed gaat, komt daar vaak veel verdriet van. Door een contactbreuk bijvoorbeeld.

Verstoorde relatie

Deze moederdag sta ik stil bij de ouders en kinderen die geen moederdag zullen vieren door verstoorde relaties. Ik het artikel hieronder zijn diverse mensen aan het woord. Lees vooral ook het kader waarin een psycholoog aan het woord komt. Het is heel verhelderend voor velen, denk ik.

Verliezers

Tot slot wil ik er nog één ding aan toevoegen. Als kind dat het contact pauzeert of verbreekt, word je vaak weggezet als koud, wreed, gemeen, vooral wanneer er kleinkinderen in het spel zijn. De vraag die vaak gesteld wordt, is: Waarom doe je mij dit aan? Of: Waarom doe je je ouder(s) dit aan? Het is natuurlijk geen kwestie van iemand iets aan (willen) doen. Het is de allerlaatste optie. De enige overgebleven stap als allerlei andere dingen waarbij je je in bochten gewrongen hebt, geen succes zijn geworden en je met de rug tegen de muur staat. Een contactbreuk kent alleen maar verliezers.

Oordeel niet, maar wees nieuwsgierig!

Wereld wensdag

-Soberheid past bij deze tekst-

Sinds 1989 worden wensen vervult van kinderen met een levensbedreigende ziekte. Jaarlijks op 29 april wordt hier aandacht voor gevraagd want de er zijn zoveel te vervullen wensen dat vele handen nodig zijn. Make-a-wish vervult de wensen namelijk belangeloos en zonder subsidie.

Kinderen die sterven aan een ziekte, dat zou niet moeten kunnen. Ze zouden vooruitzichten moeten hebben op een rijk en liefdevol leven. Waarvoor rijkdom natuurlijk staat voor gezondheid, vrede, werkzaamheden die hen gelukkig maken, dat soort dingen.

Dat brengt mij bij een andere groep kinderen. Eén op de negen kinderen in Nederland leven in armoede. (bron: de kinderombudsman.) Eén op de negen! Hoeveel zijn dat er bij jou in de straat? Deze kinderen komen soms mee met hun ouders naar de voedselbank om hun wekelijkse boodschappen op te halen. Zij kunnen niet kiezen uit hagelslag of pindakaas. Zij doen het met dat wat er die week toevallig op het schap van de voedselbank staat. Soms is dat aardig wat. En soms is dat schap akelig leeg. Het erge is: deze kinderen zeuren niet. ze zijn gewend niet te krijgen wat ze graag willen.

Juist dat is zo alarmerend. Want wat zegt het over andere dingen? Kleding, speelgoed, computer. Schoenen, een fatsoenlijke fiets. Vaak is aan alles een tekort. Om nog maar te zwijgen over uitjes. Wat kost het als je een dag met je gezin naar de Efteling wil? Als straks de Coronaregels weer ingetrokken zijn natuurlijk.

Steun Make-a-wish en bezorg zieke kinderen een fijne dag. En als je het speelgoed van je kinderen uitzoekt, de kledingkasten van ze uitmest of je oude computer die het eigenlijk nog best doet inruilt voor een snellere, overweeg dan een keer of je iets naar de speelgoedbank, weggeefhoek of de kledingbank kunt brengen in plaats van het op marktplaats te verkopen. Want echt, je maakt er een vergeten groep kinderen blij mee.

Verhalen uit de week van de psychiatrie

Humanere benadering en gelijkwaardigheid

Van 22 tot en met 27 maart 2021 werd de week van de psychiatrie gehouden. Sinds 1960 wordt er aandacht gevraagd voor humanere benadering en gestreden voor gelijkwaardigheid om zo onnodig lijden tegen te gaan. Nog steeds hebben we deze week elk jaar nodig om de psychiatrische zorg te verbeteren en een gezicht te geven.

Het kan je buurman zijn

Ondertussen kom je psychiatrie overal tegen. Het Trimbos instituut schrijft:

Ruim 4 op de 10 mensen hebben ooit in hun leven één of meerdere psychische aandoeningen gehad. De drie hoofdgroepen – stemmingsstoornissen, angststoornissen en middelenstoornissen – komen elk ongeveer even vaak voor: 1 op de 5 mensen heeft ooit in het leven een dergelijke stoornis gehad.

In de afgelopen 12 maanden had ongeveer een vijfde van de mensen één of meerdere psychische aandoeningen. Angststoornissen komen als hoofdgroep het vaakst voor. Van alle afzonderlijke aandoeningen komt depressie het vaakst voor.’

4 op de 10! Het kan je buurman wel zijn. In veel gevallen krijg je gewoon levenslang.

Ik zie er nooit iets van

Omdat ik weet dat er veel verhalen zijn in de samenleving maar we maar weinig van die verhalen horen, schreef ik een verhalenwedstrijd uit. Ik koos twee winnaars. Hun verhalen staan symbool voor de kern van ons aller verhaal: het taboe en de impact op het leven van een persoon met een psychiatrische aandoening en zijn gezin.

Gefeliciteerd Linda van de Herik en Suzan Wilmsen

Jullie zijn de prijswinnaars van een gesigneerd exemplaar van mijn roman Halverwege het einde. En zoals beloofd, hieronder jullie verhalen, als een inkijk achter de voordeur van ogenschijnlijk gewone mensen.

Het verhaal van Linda
is een rauwe beschrijving over de ontwrichting van hun gezinsleven.

Zelfs een knuffel van de kinderen…

Mijn man, met wie ik al 21 jaar samen ben en 2 kinderen heb (een zoon van 12 en een dochter van 16) is al jaren ziek. Hij heeft een complexe ptss, een ernstige paranoïde persoonlijkheidsstoornis met kenmerken van verschillende andere persoonlijkheidsstoornissen. Daarbij, of daardoor, is hij ook depressief. De enige emotie die hij kan voelen, die hij herkent, is woede, boosheid. Liefde, geluk, plezier, vertrouwen, angst zijn allemaal onbekend. Het is erg verdrietig om te zien dat zelfs een knuffel van de kinderen bij hem niet het gelukshormoon aanmaakt. Wat zijn ziekte al jaren met ons gezin doet, is niet in 400 worden te beschrijven. Lopen op eieren, ieder woord, maar ook iedere blik, iedere zucht, moet op een schaaltje heel delicaat worden afgewogen, voordat hij mij of de kinderen mag ontsnappen. We zien ook zijn pijn en dat doet ons zeer. We willen hem niet kwijt, maar gunnen hem ook zijn rust, voor altijd.

Het verhaal van Suzan
vraagt aandacht voor de taboes en vooroordelen.

Niet gek of labiel

mijn ervaring met de psychiatrie is:
dat je nogal snel een label opgeplakt krijgt zovan:
je bent niet normaal zoals de rest.
ik zelf zou zo graag de wereld willen laten zien dat mensen die een psychiatrisch verleden hebben niet ‘gek’ of Labiel zijn,
maar dat zij door hun verleden zo gemaakt zijn alsof ze ‘ziek’ in hun hoofd zijn,
mensen die als het ware gekwetst en getraumatiseerd zijn worden als gek en dom bestempeld door de Maatschappij,
en de daders komen ermee weg.
dit was mijn ervaring met de psychiatrie!

Beide verhalen zijn met toestemming van de schrijvers geplaatst en zonder wijzigingen overgenomen.

Wereld verteldag

20 maart 2021

Een nieuw begin

De Goden veranderden in wolven op de dag dat Johannes de gordijnen dichttrok en daarmee voorgoed het daglicht buitensloot. Hij begon aan de lange tocht vanuit de woonkamer, door de gang naar boven. Het huis was tegen een berg gebouwd waardoor mogelijk was wat niemand vermoedde: vanuit de kamer die dienst deed als kleedkamer stapte Johannes de tunnel in die de berg tot in het hart betreedbaar maakt. Hij liep zonder lamp. Elk groefje, bultje, uitsteeksel was ontstaan door de invloed van zijn hand. Jaren bikkend en beitelend was hij doorgegaan.

Foto: de Gelderlander

Naast het bestellen van geavanceerde apparatuur bestelde Johannes eens per maand bij een winkel met bezorgservice, steeds dezelfde bestelling zodat hij op herhalen kon drukken en niet steeds opnieuw de producten hoefde te kiezen. Het gevolg was een schuur vol houdbare melk die toch bedorven was, omdat hij dat bij zijn eerste bestelling wel had aangevinkt, maar nooit gebruikte. Hij verknoeide echter zijn tijd niet aan het verwijderen van de melk van zijn bestellijst, liever hield hij zich bezig met de apparatuur.

In het hart van de berg was een heus laboratorium ontstaan. De energie daarvoor kwam van de zonnepanelen op het dak van zijn woning, energieneutraal zijn was het hoogst haalbare in de optiek van Johannes. Op dit punt raakte hij wel eens in conflict met zichzelf voor wat betreft de melkpakken en op zulke momenten kon hij verstrikt raken in rechtlijnigheid, liefde voor de natuur en een innerlijke maar meestal diep verdrongen hang naar stout zijn. Misschien moest hij er eens een bordje bijzetten: gratis mee te nemen.

Toen het laboratorium gereed was, draaide hij er een aantal proefdagen. Hij testte de lift waarin de bezorgdiensten hun producten konden afleveren en eenmaal ervan overtuigd dat alles werkte, trok hij de gordijnen dicht. Hij nam voorgoed afscheid van de wereld. Een nieuw begin. De Goden die hem al die tijd hadden geprezen om zijn volhardendheid en zijn fantastische inzichten, stapten achteruit en keerde de gesloten gordijnen de rug toe. Al op het moment dat hij halverwege de tunnel was, hoorde hij de sluipende tred van de poten van de eerste wolf. Aanvankelijk nog voorzichtig en op afstand, maar algauw kwam het dier dichterbij, snoof en blies en raakte zelfs zijn hand aan. De natte neus voelde koud, snel trok hij zijn hand terug. Bijna bij het hart aangekomen, ging de wolf zitten. Johannes draaide zich om en keek. De ijskoude ogen van het vuige dier priemden in de zijne. Op het moment dat Johannes zijn ogen neersloeg, stak de wolf de neus in de lucht en hief aan met een afschuwelijk gejank dat door de akoestiek van een hele roedel leek te komen. En misschien was dat ook wel zo, want een moment later renden tientallen wolven de eerste eenling voorbij het lab in, om hem heen en kriskras door de hele ruimte.

Een halve dag stond hij op dezelfde plek uit angst dat de wolven hem zouden grijpen als hij zich bewoog. Maar hoewel ze nar hem loerden, hielden ze consequent anderhalve meter afstand van hem. Gek op experimenten als hij was testte hij de dieren op consequentheid. Toen hij ervan overtuigd was dat het daarmee wel goed zat, besloot hij om maar gewoon aan de slag te gaan.

Jaren gingen voorbij. In totale afzondering werkte Johannes in het laboratorium. Hij leefde met de wolven die hem observeerden, bewaakten en soms ook bedreigden. Als dat gebeurde, kroop hij weg in de gang naar het huis, zijn handen over zijn oren en verder in foetushouding. In de gang kwamen dan beschuldigingen uit minutieuze boksen waarvan hij zich niet kon herinneren die daar ooit neergehangen te hebben. Terwijl hij zijn hoofd erover brak wie dat gedaan kon hebben en wanneer dat dan was gebeurd, beukten de beschuldigingen op hem in en voelde hij zich steeds ellendiger. Van het ene op het andere moment bleven de boksen zwijgen en dan kwam één van de wolven hem weer halen. Aangemoedigd met likjes en duwtjes van een wolvensnuit kroop hij den gang weer uit. In het laboratorium was meestal niets veranderd. Dan zag hij verder geen reden om niet gewoon weer aan het werk te gaan.

Johannes ging op een dag op een stoel staan, midden in zijn laboratorium. Het ging moeilijk, want hij was ondertussen oud en onvast ter been. De wolven keken naar hem op. Na een moment van verstilling kwamen ze in beweging en vormden een kring om hem heen. Hij keek om zich heen, naar alle apparatuur. Hij had alles netjes onderhouden, de apparaten werkten nog perfect. Er ontbreekt iets, dacht Johannes, voor het werk in dit lab heb ik nooit een doelstelling gehad. Ik heb noot besloten wat ik wilde onderzoeken, of ik iets wilde ontwikkelen of wat dan ook. Hij draait zich om op de stoel om de andere kant van de ruimte te bekijken. De gang naar het huis is als een gapend gat. Dat moet het lek zijn geweest, peinst hij, via dat gat is elk plan weggezogen. Ik heb geleefd met de wolven, maar ik heb ze niks geleerd. Ik had ze kunnen dresseren en ze de opdracht geven te waken bij het gat. Alsof ze hun betrokkenheid voelen groeien, kruipen de wolven naderbij. Hij voelt hun warmte, zijn ademhaling neemt het ritme van hun gesnuif over. Johannes klimt van de stoel af. In kleermakerszit zakt hij neer tussen de wolven. Voor het eerst steekt hij zijn handen naar hen uit. Hun vacht voelt veel zachter dan hij had verwacht. Hij aait ze, kijkt ze in hun ogen en ziet nu pas dat het geen ijskou is in hun ogen maar wijsheid. De wolven nestelen zich om hem heen. De warmte van hun lichamen zijn als een deken. Johannes glimlacht en doet zijn ogen dicht.

Vijftig jaar later schiet een arbeider uit met zijn drilboor. Op een berg wordt een nieuwe weg aangelegd maar er moet een flinke rotspartij weg geboord worden om de bocht te kunnen leggen. Hij legt de boor opzij en tuurt in het gat dat ontstaan is.

De aanleg van de weg wordt stilgelegd. Archeologen gaan aan de slag. Stukje bij beetje worden botten onthult, ze lijken menselijk. Het laboratorium wordt onderzocht. De onderzoekers tasten in het duister over de aard van het laboratorium. Uiteindelijk vinden ze kisten vol bakjes, reageerbuisjes en flesjes. Kladjes met kreten, zinnen, namen, titels, ze nemen alles mee om het te onderzoeken. Bij het forensisch instituut buigt een stagiair zich over de teksten.

Wolven dansen met de raaf
die hen de weg wijst
naar de prooi
om te leven, te delen

De wolf is een kat
als hij kijkt
De mens transparant
als hij stilstaand bezwijkt

De harmonie van hun gehuil
beleef je als honderden
Samen één is meer
Niet alleen

De raaf
De raaf was ik vergeten
Onontbeerlijk de samenwerking
het samenzijn, jij-ik-wij

Niet alleen

Johannes

Peinzend staart de stagiair naar de letters op het halfvergane papier. Wat kan die Johannes daarmee bedoeld hebben?

Wereld verteldag is een initiatief van de Stichting Vertellen. Kijk voor meer informatie op:
https://stichtingvertellen.nl/wereldverteldag/

Week van de lentekriebels

15 tot en met 19 maart 2021

Initiatief van de week van de lentekriebels: Rutgers WPF (kenniscentrum seksualiteit)

Lente

Als ik denk aan Lente, dan denk ik aan koeien die weer de wei ingaan. Tegenwoordig staan de meesten van ons ver van de dieren af die ons van voedsel voorzien doordat ze het maken of omdat ze het zijn. Daarom zijn er steeds meer boerderijen die een aantal dagen paar jaar opengesteld zijn voor bezoek en we kunnen getuige zijn van belangrijke momenten op de boerderij, zoals de opening van het weideseizoen. Dat dat is fijn, want als je dat beleefd hebt, smaakt de melk voortaan lekkerder in maart.

Voor mij zijn dit soort gebeurtenissen niet nieuw. Als kleindochter van een boer in zowel akkerbouw als veeteelt was ik er tijdens de vele logeerpartijen gek op om opa te helpen. In de koeienstal ging opa voor met de brokken en ik mocht daarna het hooi in de voergoot gooien. Toegegeven: die grote koppen waren eng, van zo dichtbij. Nee, ik stond liever aan de achterkant te trekken aan het touw waarmee een koe een handje geholpen werd bij het kalveren. De varkens voeren was een noodzakelijk kwaad, ik verafschuwde dat geschreeuw van die beesten, maar afgestoten lammetjes melk geven uit de fles maakte dat weer meer dan goed. Dat zo’n lam alleen maar veel tijd en werk kostte, daar had ik geen weet van. En dan de typische geur van het kippenhok, die heb ik nooit kunnen plaatsen tot ik vorig jaar zelf kippen kreeg en tabaksstelen ophing tegen de de bloedluis.

Pas veel later heb ik me gerealiseerd hoeveel tijd en geduld mijn oma en opa hadden. Oma leerde me andijvie wassen en snijden en aardappelen schillen. Je kunt je afvragen wat je daar nu aan hebt; alles is panklaar verkrijgbaar. Maar elke keer als ik eerst de krop met en daarna zonder de stronk was en vervolgens de bladeren te snijden (fijn, dat is lekkerder) en dan nog een keer alles was en in een schone gestreken theedoek uitsla zodat de andijvie droog maar niet gekneusd is, elke keer denk ik aan oma, ik hoor haar aanwijzingen en dan weet ik dat ze van me hield.

Van opa leerde ik veel over dieren houden zonder fratsen, de juiste keuzes maken voor bepaalde rassen omdat die sterker zijn in het Nederlands klimaat. Het is dankzij hem dat ik nu Barnevelder krielkipjes heb in mijn kippenhok. Winterhard zonder warmtelamp, goede leggers, weinig broeds en veel eieren. Lekker praktisch allemaal. Ook leerde hij me hoe je een oud paardentuig weer bruikbaar kon maken en hoe je een hek kon repareren met weinig middelen.

Bij oma en opa ging de winter gewoon over in de lente en dan was het leven weer een paar maanden gemakkelijker. Er was meer tijd voor gezelligheid en voor elkaar. En ook toen, maar dan zonder getuigen, vierden de koeien feest als ze naar buiten mochten. En de schapen, varkens en de kippen.

Het boerenhout waar ik deels uit ben gehouwen, weet graag waar het mee gevoed wordt. De koeien die de grondstof leveren voor de zuivel die ik eet, zie ik een paar maanden per jaar lopen als ik wandel of als ik de IJssel moet oversteken. Vanaf de lente, smaakt de melk altijd weer extra lekker.

Wat brengt de lente bij jou in herinnering?

Nationale complimentendag

Elk jaar op 1 maart is het nationale complimentendag. Nationale complimentendag is een initiatief van Hans Poortvliet
(01-03-2020 | Mens en maatschappij)

Foto: Mediumchat.nl

‘Elk jaar op 1 maart is het Nationale Complimentendag. Een complimentje geven als iets goed gaat! Dat doen we in de praktijk te weinig. We zien wel vaak wat fout gaat, maar veel minder wat er goed gaat. Jammer, want juist in deze uitdagende tijden kunnen we wel wat extra positivisme gebruiken!’

‘De Nationale Complimentendag draait puur om oprechte(!) ‘persoonlijke aandacht’ en ‘uitgesproken waardering’. Twee ‘zaken’ die simpelweg niet te koop zijn, maar mensen (waarschijnlijk juist daarom) het diepst raken! Dit verklaart ook waarom het succes van deze dag niet gekocht kan- en mag! worden. “Persoonlijke woorden en aandacht ‘afkopen’ met een cadeau is op 1 maart dus niet de bedoeling” aldus Hans Poortvliet, initiatiefnemer.’

Bron: de issuekalender

Foto: Ilse van de Burgwal

De Nederlandse aard is niet zo complimenteus. De Yin Yang tussen schelden en complimenteren is ver te zoeken. We voelen ons vaak onwennig als we tegen iemand iets aardigs zeggen. En dat blijkt ook wel als je afbeeldingen zoekt met het zoekwoord ‘compliment’. Het merendeel van de resultaten is Engelstalig.

Toch zijn onze gedachten vaak veel vriendelijker voor onze medemens. Ga maar na, jij denkt toch ook wel eens: wat een leuke jas heeft die vrouw. Wat een grappig hondje loopt daar. Wat een gave fiets heeft dat jongetje.

Je kunt eenvoudig een begin maken met complimenten te geven door zulke gedachten hardop uit te spreken. Het went, heus. En de reacties zijn goud waard. Niemand baalt van een compliment. Soms maak je iemands dag goed, hoe fijn is dat? En… dit hoeft echt niet alleen op 1 maart. Het kan elke dag. Hieronder vind je nog meer tips die je op weg helpen.

Foto: Loesje

https://www.beleven.org/feest/nationale_complimentendag besteedt uitgebreid aandacht aan de nationale complimentendag.

Bedankt dat je doorgelezen hebt. Ik hoop dat je gaat uitproberen hoe het is om meer complimenten te geven, aan bekenden en onbekenden. Ik wens je veel plezier. Als het je lukt, is de wereld weer een beetje mooier door jou! Als het je niet lukt, waardeer ik dat je het overwogen hebt.

Fijne dag!