Achtergronden in Mijn Geheim 23

Dinsdag 13 november 2018 verscheen een nieuwe uitgave het blad ‘Mijn geheim.’ In deze uitgave, nummer 23,  vind je een vijf pagina tellende bijdrage over het verhaal achter “Halverwege het einde.’ Bovendien kun je kans maken op een van de vijf exemplaren van Halverwege het einde die het blad weg mag geven. De volgende Mijn Geheim verschijnt 27 november, dus je hebt nog even de tijd om dit nummer, 23,  te halen.

Rectificatie

Bij de foto die in Mijn geheim geplaatst is, staat de verkeerde fotograaf vermeld. De foto is gemaakt door Charles Keijser http://www.charleskeijserfotografie.nl/

Toedeloe Taboe!

Doodeng allemaal. Omgaan met depressie. Praten over suïcide. Hoe doe je dat in een wereld waarin deze thema’s nog steeds een taboe zijn?

Nadat mijn boek ‘Halverwege het einde’ uitkwam in mei dit jaar, ging ik de boer op om dit onderwerp en mijzelf als deskundige en ervaringsdeskundige op het gebied van depressie, te verkopen. Toen bleek al hoe nodig dat is. Kort samengevat kreeg ik nergens poot aan de grond. Soms kreeg ik helemaal geen reactie en als er wel antwoord kwam, was het advies vaak het eens bij een GGZ-instelling te proberen.

‘Dank voor het meedenken,’ zeg ik dan. Maar mijn missie is het bespreekbaar maken van suïcide en depressie in de ‘doorsnee’ maatschappij. Die vind je niet alleen binnen de GGZ natuurlijk. Bovendien wil ik juist graag de mensen bereiken die worstelen met dit probleem maar het nog niet hebben aangedurfd daar professionele hulp voor te vragen. Zelf heb ik jaren geworsteld en eerder hulp had me waarschijnlijk heel wat leed kunnen besparen. Gedreven door mijn eigen ervaring wil ik ook met die mensen in gesprek komen om ze te laten zien dat je er niet alleen voor hoeft te staan.

Gelukkig was daar opeens de reactie van Paul Visser namens bibliotheek West Achterhoek. De bibliotheek organiseert regelmatig allerlei activiteiten en lezingen over een maatschappelijk thema staan hoog op de agenda vanwege het informatieve karakter. Dat past natuurlijk bij een bibliotheek. En: In de Achterhoek zijn ze niet schuw voor een moeilijk thema. Dus ik moest als de wiedeweerga aan de slag om een fijne avond te organiseren over een, niet sexy onderwerp met behoorlijk wat lading. Een uitdaging.

Spannend ook, want door mijn depressies was het voor mij zeker vijf jaar geleden dat ik voor het laatst als spreker voor een publiek had gestaan. Ik dacht dat het ergste wat zou kunnen gebeuren, zou zijn dat ik halverwege gek gillend weg zou rennen, de zaal ontredderd achterlatend. Best geruststellend, afgezet tegen wat zich de afgelopen jaren allemaal in mijn hoofd voltrokken heeft.

Het werd een… Wel woord kies je hiervoor? Goed, mooi, fantastisch, fijn, bijdragend? Bij deze onderwerpen lijkt dit allemaal wat ongepast. Waarom eigenlijk? Toch weer dat taboe! Het werd een avond die mijn verwachtingen overtrof. Het publiek was begaan met het onderwerp en betrokken. Er was veel interactie tijdens de presentaties en mensen vonden ook elkaar tijdens de pauze en na afloop. Er werd veel verteld, ervaringen werden gedeeld. De openheid waarmee dat gebeurde, was hartverwarmend.

Eigenlijk is ze er al niet meer.

-Uit: Halverwege het einde-

Marianne van het Loo gaf een indringende presentatie over 113 zelfmoordpreventie. Het bleek dat, ondanks uitgebreide campagnes, maar weinig mensen weten dat naast 112 ook het telefoonnummer 113 beschikbaar is als hulplijn en dan specifiek voor mensen die op de een of andere manier in de knel zitten met betrekking tot zelfmoord. Omdat ze zelfmoordgedachten hebben, of plannen. Of omdat iemand uit hun directe omgeving dat heeft of omdat ze nabestaande zijn. Verder benadrukte Marianne hoe moeilijk het kan zijn om signalen, die vaak wel worden uitgezonden door iemand zelfmoord pleegt, te herkennen als omstander en daar dan ook nog wat mee kunnen doen. Het proces van de eerste gedachte aan zelfmoord tot het daadwerkelijk in actie komen, beschreef zij als een fuik, waar het steeds moeilijke uitkomen is en waar het voor omstanders steeds moeilijker is in contact met iemand te komen naarmate hij er verder inzit. De presentatie riep veel emotie op.

Na de pauze was het tijd voor ‘Huisarts en depressie.’ Mijn ervaringen als huisarts die patiënten met een depressie tegenover zich vond, illustreerde ik met mijn eigen ervaringen een depressie te hebben.

‘Depressie ligt als een grauwe deken over het leven’

–Joeri de Vries op mijn Gezondheidsgids-

Volgens Robert Schoevers, psychiater aan het UMCG weerhoudt het stigma mensen hulp in te schakelen. Sommige mensen komen pas na heel lange tijd om hulp vragen, sommigen zelfs helemaal niet.

Somberheid en depressie zijn niet hetzelfde. Bij depressie is er sprake van een sombere stemming en verlies aan interesse, en dat is bijna dagelijks, het grootste deel van de dag en dit duurt minimaal twee weken. Er zijn een aantal symptomen zoals gewichtsverlies, slecht slapen, slecht kunnen concentreren en je overmatig schuldig, waarvan er een aantal aanwezig moeten zijn om van depressie te mogen spreken.

Vanmiddag liep ik in het bos met Max en onze hond, Nina. Het was lekker weer, het zou een fijne wandeling kunnen zijn. Maar wat ik dacht was niet vrolijk. Er was opeens zo’n sterke twijfel: wat voeg ik toe op deze Aarde?
Wat doe ik hier nog? Het was heel helder, die gedachte.

-Uit: Halverwege het einde-

Wat veel mensen zich niet realiseren is dat als je eenmaal een depressie hebt gehad, er 35-65% kans is op een nieuwe depressie in de toekomst. Dat hangt toch als een zwaard van Damocles boven je hoofd? Als je echt in een depressie hebt gezeten, wil je dat nooit meer meemaken. De cocon waar je inzit, de vermoeidheid, het te zwaar aanvoelende lijf dat overal pijn doet. Nachten wakker liggen met gedachten die met je aan de haal gaan en onder een loep lijken te liggen waardoor alles nog erger lijkt. De weerzin om ook maar wat te doen en de teleurstelling of verwijtende gezichten bij de mensen om je heen als je wéér niet enthousiast reageert om iets leuks te gaan doen. De dag door ploeteren en uitzien naar de avond omdat je dan weer naar bed mag, je niks hoeft en niemand je iets vraagt; geen gedoe of gezeur, misschien een klein beetje rust waar je zo naar verlangd.

Bij depressie is het alsof iemand lopend de wipwap van de speeltuin overgaat. Nadert hij het kantelpunt, dan neemt de instabiliteit toe. De omgeving ziet dit vaak eerder dan de patiënt zelf.

-Naar een metafoor van Marieke Wichers, onderzoeker-

Wat heel duidelijk naar voren kwam, was het belang van maken van contact. Als naaste kun je de depressie op zich niet oplossen. Je kunt er wel voor iemand zijn. Een kop koffie voor iemand zetten, hem meenemen voor een wandeling, steun geven bij de dagelijkse dingen. De fuikmetafoor is ook van toepassing op het proces dat zich bij depressie voltrekt. Door er te zijn geef je betekenis aan het mogen zijn van degene die depressief is, waardoor die zich minder waardeloos kan voelen. Je helpt te voorkomen dat iemand verder in de fuik zwemt en wellicht kan hij zelfs een stukje terug zwemmen.

Ken jij iemand met een depressie? Maak contact! Je kunt echt verschil maken.

Ben jij iemand met een depressie? Vraag hulp! Je staat er niet alleen voor.

Vragen over zelfmoord? Bel 113.

Boek en legger

Een dag te laat om mee te nemen naar Sittard waar ik samen met Yvonne Franssen -auteur- te gast zal zijn bij boekhandel Krings. Maar mijn boekenleggers zijn gereed  en klaar voor verzending bij de drukker. Voortaan ontvang je de boekenlegger bij elk gesigneerd exemplaar van Halverwege het einde, zolang de voorraad strekt.

Direct bestellen? Bestel hier je boek

Boekenlegger

Winactie

Boekenwebsite Thrillers and More bezoekt boekpresentaties, schrijft recensies en interviewt schrijvers. Dit alles delen ze natuurlijk via hun site maar ook via de sociale media.

Er zijn ook regelmatig winacties en je maakt nu kans op ‘Halverwege het einde.’ Dus heb je nog geen exemplaar, bezoek dan snel hun site:

Winactie Thrillers and More

IMG_0470

Link naar interview RTV Zaanstreek

Eerdere mededelingen over het kunnen publiceren van de tv-opname waarin Bert van Galen mij voor RTV Zaanstreek interviewde over huisartsen, depressie en mijn debuutroman, kunnen de prullenbak in. Want hier is hij:

Interview RTV Zaanstreek sept 2018

IMG_0258

Veel kijk- en luisterplezier!

Geluidsopname interview bij RTV Zaanstreek

In september 2018 werd driemaal het interview uitgezonden waarin Bert van Galen en ik in gesprek gaan over depressie, het huisartsenvak en mijn debuutroman ‘Halverwege het einde.’

 

82fc97c9-49c4-45cf-ae5e-1072b99aa9d9

 

Beluister de geluidsopname hier:

De volledige opname met beeld is te groot en kan ik vooralsnog hier niet plaatsen.

Kippenvel

Persoonlijk vind ik mijn boek niet echt een vakantieboek. Dat wil zeggen, als je lekker wil zonnebaden, uitrusten, feest vieren, dan hoort daar meer een feelgood-roman bij. Of een fijne thriller. Als je op vakantie gaat om ver van je gewone doen, haast, prikkels of gewoonten te zijn, om je open te stellen voor diepere gedachten, ervaringen of levensvraagstukken, dan is het juist heel geschikt.

Ik hoorde een paar weken geleden dat iemand mijn boek meenam op vakantie. Ze ging op vakantie omdat haar dochter kort daarvoor zelfmoord had gepleegd. Ze wilde eruit, even afstand nemen.

Ik dacht: dat boek mee, is dat wel verstandig?

Maar ik kende haar niet persoonlijk, ik kon er niets aan doen om een drama te voorkomen. Jolanda, die haar het boek geleend had, verzekerde me dat ze deze moeder goed gewaarschuwd had. En daar moest ik het mee doen.

Twee maanden gingen voorbij. Ik was met heel andere dingen bezig. De laatste dozen uitruimen na onze verhuizing. Het gras maaien, goed voor twee uur stevige lichaamsbeweging op ons hobbelige veld. De eerste walnoten van het jaar oogsten. Ik was begonnen met het schrijven van mijn tweede boek. En mijn positie in de top honderd van Hebban Auteurs vroeg ook het nodige onderhoud.

Dat is trouwens heel gek. Je komt min of meer vanzelf in die top honderd, maar je blijft er niet. Ik heb ook geen idee welke factoren van invloed zijn. Zo sta ik momenteel op 30 boven (onder andere) Herman Koch, Harry Mulisch en Stephan Fry en dat vind ik een hele eer, maar begrijpen doe ik het niet. Als je eenmaal op die positie staat, moet je hard werken om die te behouden, anders zak je als een baksteen. Tenzij je Koch, Mulisch of Fry heet. Voorlopig geniet ik er nog maar even van.

Daar heb ik het dan over met Jolanda, als we samen aan de koffie zitten. Op tafel ligt een gesigneerd exemplaar van ‘Halverwege het einde’ klaar; het is een cadeautje voor haar schoonmoeder die ergens in Scandinavië woont woont. Opeens vraagt ze: ‘heb ik jou verteld hoe mijn vriendin jouw boek vond?’
Dat heeft ze niet.
‘Ze heeft er heel veel aan gehad. Het heeft haar geholpen haar dochter te begrijpen in haar zelfverkozen dood. Ze vond veel herkenning in het verhaal. Het heeft haar echt geholpen.’
Ik zwijg, op mijn armen ontstaat het stroeve gevoel van kippenvel.

Dit komt bij me binnen. Ik ben heel blij dat mijn boek iemand kan helpen die in zoveel pijn gevangen moet zitten. Dat er begrip komt en daarmee een opening voor verwerking.

Ubele, de hoofdpersoon in het boek, stelde alles in het werk om nuttig en bijdragend te zijn. Daar is ze niet gelukkig van geworden. Is dat dan toch niet voor niets geweest?

 

Dakloos!

De telefoon gaat. Zoals zo vaak bij ons, denkt iedereen dat de anderen wel opnemen, dus niemand neemt op. Maar de beller kent ons en onderneemt een tweede poging. Nu zijn we te laat en kijken naar het onbekende 06-nummer in de display.

Waarom wordt er twee keer vanaf dit nummer gebeld? Als mijn zoon het nummer terugbelt, krijgt hij een onbekende aan de lijn. Die weet te vertellen dat Jaap, een vriend van mijn zoon, zijn toestel had geleend. Maar hij is alweer weg en de eigenaar van het geleende mobieltje weet verder nergens van.

Jaap zit in de problemen. Zijn moeizame relatie met zijn ouders en zijn psychiatrische problemen zorgen zo nu en dan voor onhoudbare situaties. Gezien het tijdstip van het telefoontje, is er nu waarschijnlijk ook weer iets aan de hand. Maar als hij niet zijn eigen telefoon gebruikt, heeft hij die dus ook niet bij zich. Hoe kunnen we hem bereiken? We besluiten hem te mailen in de hoop dat hij app enig moment zijn mail kan checken.

Een paar uur later opnieuw telefoon, ditmaal vanaf een ander nummer. Over een half uur is hij op station Arnhem en of hij kan blijven slapen?

Samen met mijn zoon haal ik Jaap op. Het station is uitgestorven en door de miezerregen komt een voorovergebogen gestalte naar de auto gelopen als ik voor de stoeprand parkeer. De trolley koffer lijkt een fout in het plaatje. Als ik de achterbak van binnenuit ontgrendel, gooit hij het koffertje achterin en kruipt bij mijn zoon op de achterbank.

Jaap is uit huis gezet; zijn bed is zelfs al afgebroken en staat in de garage. Bij zijn vrienden uit het dorp kon hij niet terecht en zijn tante was niet thuis. Jaap weet dat hij van mij niet op straat hoeft te slapen. Als we thuis zijn, maken we een bed op en gaan slapen. De verhalen komen morgen wel. Of niet.

IMG_8900

Op de app van de NOS zag ik vanmorgen een item voorbij komen over Jongeren die hun eigen straat bouwen. Voor jongeren, zeker in de dorpen, zijn geen woningen beschikbaar die voor hen betaalbaar zijn. Appartementen zijn er vaak schaars en als ze er zijn, zijn ze natuurlijk al bewoond.

Jongens als Jaap lopen hier enorm tegenaan. Vanwege zijn psychiatrische diagnose is voor hem een veilige en stabiele woonruimte noodzakelijk. In de buurt van zijn therapie en zijn werk en toch ook van zijn ouders. Jongens als Jaap ontwikkelen zich, snakken naar meer zelfstandigheid en juist in het kader van de diagnose en de behandeling is dat ook wenselijk. Conflicten als gevolg van knel zitten thuis remmen ontplooiing. De frustraties daarover zijn olie op het psychiatrisch vuur. Een eigen plek is letterlijk en figuurlijk van belang.

Op IinkedIn schreef Piet Hein Peeters dit weekend een Commentaar op artikel D. Deys, psychiater  dat verscheen in het NRC van 21 september. Damiaan Deys, hoogleraar psychiatrie , legt in het NRC uit waarom het niet normaal is mooi en succesvol te zijn en alles onder controle te hebben. Met die stelling kan ik het nog wel eens zijn maar qua inhoud sluit ik me liever aan bij het commentaar van Peeters.

De twee artikelen komen zo kort na elkaar onder mijn ogen, dat ik ze wel mòet koppelen. Een goede geestelijke gezondheid in ons land, vraagt meer dan alleen psychiaters, psychologen, therapieën en pillen. Een goed sociaal beleid is onontbeerlijk. Psychiatrisch lijden komt in mijn optiek allereerst door de daaraan ten grondslag liggende psychiatrische oorzaak. Maar omgevingsfactoren zijn daarop sterk van invloed. Het zou best zo kunnen zijn dat met een goede sociale basis het psychiatrisch lijden uit het niveau van lijden getild wordt terwijl de diagnose toch blijft bestaan.

Als Menzis met zijn prestatievergoeding (zie eerdere posts op Twitter, LlinkedIn etc.) en Deys met zijn stelling en Hein met zijn commentaar allemaal een kern van het probleem te pakken hebben, wat zegt dat over wat moet gebeuren om onze maatschappij geestelijk  gezonder te krijgen? Ik nodig zorgverzekeraars, GGZ instellingen en overheden uit daar eens over na te denken of beter nog: daar eens met elkaar over te discussiëren. Ik ben graag uw tafelpartner.

Lezersrecensie van Bas van Beers

“Rauw talent. Tekst gestript van alle franje.

Als meelezer was ik intensief betrokken bij het wordingsproces van dit boek. De eerste delen van het manuscript kwamen binnen als een mokerslag. Rauw talent. Tekst gestript van alle franje. Zo kaal als Ubele haar leven en zichzelf ook ervaart. Het schrijfproces heeft het alleen maar beter gemaakt. Evenwichtiger zonder gepolijst te worden. De intelligentie van Mascha als schrijfster is goed terug te zien in haar observaties en de opbouw van het verhaal. Niet voor iedereen even makkelijk dit boek. Het zit dicht op de huid.

Lezersrecensie op Facebook

Lezersrecensie van Dimphy de Hamer september 2018
Ik heb genoten van jou boek! Als de kinderen ‘s avonds op bed lagen dook ik ermee op de bank..het eerste boek dat ik in vijf jaar uitgelezen heb. Boeiend geschreven, het karakter nam me echt mee in haar verhaal. En idd op een aantal punten confronterend, hoe de basis voor depressie al in de jeugd gelegd wordt, wat we voortdurend in ons hoofd afspelen en voor waar aannemen. Het niet bewust kunnen genieten maar ergens vanaf de zijlijn toekijken, alsof je zelf niet het recht hebt gelukkig te zijn was herkenbaar!

%d bloggers liken dit: